Afgelopen week ben ik teruggegaan naar de Loowaard. Tjonge, jonge wat is het daar geel geworden. En wat mooi! Met al dat zomerse weer zijn er nóg meer bloemen bijgekomen.
En wat een levendigheid tussen al die bloempjes. Natuurlijk veel insecten die op de nectar afkomen. Kleine insecten, maar ook grotere, zoals vlinders. Geen bijzondere hoor, maar wel veel. Die grote aantallen vlinders zijn voor mij als natuurfotograaf een extra genot, want daardoor is de kans groter om zo’n vlinder mooi op de spreekwoordelijke gevoelige plaat vast te leggen.
Die ruigtes zijn trouwens ook een feest voor zangvogels zoals graspiepers, rietgorzen en de bosrietzangers. (Deze keer had ik wel mijn opzetmicrofoon en statief meegenomen zodat de geluidskwaliteit van het filmpje nu beter is.). In de bescherming van de ruigte kunnen deze zangvogels niet alleen op hun gemakje hun eieren uitbroeden, maar alle insecten die daar zitten vormen voor hen natuurlijk ook een prima voedselbron.
Naast prachtige beelden leveren begrazingsgebieden als de Loowaard dus ook een zeer hoge biologische rijkdom op. Komt dat zien! Komt dat zien!
https://www.youtube.com/watch?v=smfiR0SF0WM
Vanuit hun liefde voor de natuur hebben natuurbeheerders zich tot doel gesteld om juist hun aandacht te richten op het behoud van zeldzame en bedreigde soorten. Vandaar dat ze nog wel eens negatief over natuurlijke begrazing kunnen zijn, omdat de desbetreffende gebieden te weinig zeldzame soorten zouden voortbrengen. Dat soort kritiek is niet leuk om te horen als je jezelf al jaren met hart en ziel hebt ingezet voor deze vorm van natuurbeheer. Zeker als je eind juni op een zonovergoten dag weer volop hebt genoten van de bloemenpracht in een gebied als de Loowaard. En wat nog niet eens op de foto staat zijn al die insecten, slakken et cetera die tussen weelderige plantengroei hun weg zoeken.

